vrijdag 14 juli 2017

Nat gaan

"Hij begint al te stollen", zeg ik hoopvol nadat ik er een paar keer op geblazen heb. Het bord ligt vol met gerookte zalm, tomaat en aardbeien. Het broodje met gebakken ei, heel subtiel gedecoreerd met een blaadje groen springt er absoluut uit. Een culinair hoogstandje is het zeker maar de glibberige substantie van het gele gedeelte van het gerecht is iets wat mij koude rillingen bezorgt.

We zitten op een barkruk in het tuinhuisje dat door de creatieve zoon van mijn vriendin is verbouwd tot een ware hangkeet waar de adolescenten uit het mooie Roden zich uitstekend kunnen vermaken. In een sfeer van gekleurde lichtjes probeer ik uit mijn comfortzone te kruipen door toch de uitdaging aan te gaan en het ei, inclusief de nattigheid tot me te nemen. Mijn vriendin heeft namelijk zo haar best gedaan om een heerlijke lunch te verzorgen dat ik het niet over mijn hart kan verkrijgen om het als een ondankbaar schepsel aan de kant te schuiven. De bijgeleverde pijnboompitten zijn naast dat ze lekker zijn ook nog functioneel omdat ze dienen als bindmiddel en er voor zorgen dat het gele monster iets minder slijmerig in mijn mond verdwijnt. 

Voordat ik de eerste hap neem en de opbeurende uitspraak: 'Denk maar aan iets leuks'  -  die ik vroeger van mijn moeder meekreeg voordat ik naar de tandarts moest - doe,  kijk ik even opzij waar mijn vriendin van het lachen bijna van haar kruk valt. Door mijn quasi gemopper over echte vriendinnen die moeten weten waar je niet van houdt en dan uitgerekend met een kletsnat ei aan komen zetten fungeer ik op dit moment uitsluitend als entertainer. Ik denk ook dat dat de reden is dat ze er voor koos om mij dit ei, in vloeibare vorm, voor te schotelen.  Ze weet natuurlijk prima dat ik niet blij word van dit soort nattigheid maar omdat haar lachspieren toe waren aan een goeie beurt gebruikte ze het ei slechts als middel om dat te realiseren.

Ook buiten de keet is het drassig door de regen die inmiddels met bakken uit de lucht valt. Een echte vriendin laat je dan niet in zo'n bui fietsen dus bracht ze mij naar huis.
Vriendschap is een eitje.

donderdag 13 juli 2017

Wisseling van de wacht



Meestal zoek ik een plekje voor in de bus. Dat is door de jaren heen een soort gewoonte geworden. Wellicht voel ik mij veilig zo vlak achter de chauffeur en het bijkomende voordeel ervan is dat ik zicht heb op de mensen die instappen. De lichaamstaal van de gebruikers van de bus en de interactie tussen hen en de chauffeur is een schouwspel wat mij in de meeste gevallen een glimlach doet bezorgen. Het humeur van de chauffeur is daarbij doorslaggevend voor het welkomstgevoel van de instappers. Zij gaan vanzelf lachen als de bestuurder hiertoe de aanzet geeft. Andersom is dat ook het geval als de chauffeur zijn of haar dag niet heeft. En hoewel dat niet heel vaak voorkomt kun je dan maar het beste eieren voor je geld kiezen, beleefd blijven en een plaatsje zoeken.

Op het hoofdstation in Groningen ben ik vaak getuige van de wisseling tussen twee chauffeurs, die meestal gepaard gaat met een grapje en een vorm van collegialiteit in de zin van: “Een goeie dienst, succes nog even vanavond, rustig aan en een fijne dag.”

Laatst wisselde een man zijn vrouwelijke collega af. De chauffeur informeerde of zij ook gebruik maakte van – op zijn Gronings - de ‘kroeskontrool’. Zijn enthousiasme voor deze functionaliteit kon hij, zelfs niet met zijn noordelijke accent, op haar over brengen. "Ja, ik hoor dat vaker maar ik heb er niets mee, ik doseer liever zelf”, was haar antwoord. Tegenargumenten als “Ideaal, heerlijk op de snelweg en ik gebruik het in mijn eigen auto ook”, konden haar niet van het standpunt af brengen. De teleurstelling bij haar collega was in eerste instantie tamelijk groot maar met de berustende en concluderende woorden : 'Tja, de één houdt van kip, de ander houdt van vlees' herpakte hij zich en kroop hij achter het stuur. Die uitspraak gaf mij vertrouwen omdat hij daarmee zijn flexibele houding liet zien en ik zeker wist dat hij mij bij de ingang zou laten uitstappen.  

maandag 10 juli 2017

Een vis in een tent

'Geef mij die stang even aan.' 'Welke, die kromme of die lange?' 'Die ene, die iets gebogen is maar niet die grote.' Met de stang waarvan ik denk dat die de juiste is wurm ik mijzelf onder het tentzeil. Ik heb het goeie exemplaar te pakken maar dan wel verkeerd om, wat onder het doek nog de nodige capriolen geeft om 'm goed te krijgen. 

Met de komende vakantie in zicht leek het ons handig om de tent nog even op te zetten zodat we straks op de plaats van bestemming niet voor verrassingen komen te staan. Bij het ontbreken van ook maar enig technisch inzicht en logisch nadenken, als het over dingen in elkaar zetten gaat, is dat voor mij natuurlijk een enorme uitdaging. Gelukkig heb ik een partner die deze eigenschappen allemaal wel in zijn genen heeft dus was er voor mij geen reden meer om de klus niet met vertrouwen tegemoet te treden.

Hoewel ik mijn kleding op het weertype had aangepast vonden de zweetstralen op mijn rug hun weg probleemloos naar onderen en zat ik onder het tentdoek niet ver van een appelflauwte af. Terwijl mijn eega druk in de weer was de juiste stok in het daarvoor bestemde gat te steken en de buizen op de goede plek op de grond te krijgen probeerde ik het doek zo goed en zo kwaad als dat kon in de lucht te houden. Daarbij kreeg ik aanwijzingen over de plek waar ik moest gaan staan, op welke hoogte ik het doek moest houden en wanneer ik de touwtjes om de buizen mocht knopen. Eerlijk gezegd heb ik mij wel eens onnozeler gevoeld bij eerdere gezamenlijke projecten op dit gebied. Mijn partner kent mij inmiddels een beetje en weet dat ik op dit soort gebieden op instructieniveau aangestuurd moet worden. En als je dat eenmaal weet en het geduld hiervoor op kunt brengen is zelfs het opzetten van een tent met mij een fluitje van een cent.

Het resultaat stond er na een klein half uurtje. Tijdens het karwei deed ik een serieuze poging om de volgorde van werkzaamheden in mij op te slaan in de hoop dat ik straks op het vakantieadres ook eens mijn kennis kan doorgeven als mijn echtgenoot het even niet ziet. Maar ik vermoed dat het rollenpatroon ook daar wel weer keihard bevestigd zal worden. Ik dacht ook nog slim te zijn door tijdens het opbergen van de tent de ritsjes allemaal dicht te maken omdat ik dacht dat dit voor het opvouwen ervan handig was. Deze proactieve houding werd vrijwel onmiddellijk teniet gedaan omdat de ritsen dan juist open moeten blijven. 

Ik hou me maar vast aan Einstein en in het bijzonder aan zijn uitspraak. 'Everybody is a genius....' 
Laat mijn sterrenbeeld nou ook nog Vissen zijn. 








zaterdag 8 juli 2017

High van de tea in het centrum van Leek

'Ik heb mijn eigen hondje'. Ze wijst op haar rollator. Ze is net een goede bekende en generatiegenoot tegen gekomen die loopt te wandelen met zijn kleine viervoeter. De ontmoeting vindt pal voor ons plaats. De humor van de mevrouw is opvallend en werkt geweldig op onze lachspieren. Van de nood een deugd maken, iets wat ze heel goed doet.

Een middagje hightea in het centrum van Leek. Op het terras laten we ons verrassen door een assortiment van hartige en zoete lekkernijen die we onder het genot van een paar koppen thee en vooral met smaak naar binnen laten glijden. De vriendin die mij vanmiddag vergezelt is zojuist door mij geattendeerd op een jonge man die in Pamela Anderson outfit en dito pruik over de parkeerplaats ronddartelt en op zoek lijkt te zijn naar gewilde slachtoffers die hem kunnen helpen met zijn opdrachten. 'Die ga ik even ophalen', zegt ze, terwijl ze opstaat en mij bij het tafeltje achterlaat. De jongen is allang uit ons gezichtsveld verdwenen dus moet ze een sprintje inzetten wat nog best aardig lukt voor iemand die sporten niet bovenaan haar lijstje heeft staan. Even later komt ze terug met de verklede jongeling die zonder blikken of blozen met zijn nepbuste en verwaarloosde pluk schaamhaar voor mij komt staan. Hij gaat trouwen en zijn vrienden hebben hem de straat op gestuurd met opdrachten, waarvan het opvragen van een telefoonnummer van een vrouw boven de dertig er eentje is. Hij bindt me op het hart er verder niks mee te doen dus geef ik hem mijn nummer. Nadat ik nog even bij hem gecheckt heb of hij zeker weet dat hij de huwelijksverbintenis aan wil gaan en hij daarop bevestigend antwoordt, laten we hem weer gaan maar niet zonder hem een mooie trouwdag te wensen. 

Onze vertedering is groot als drie jonge kindjes met hoogblond haar samen met hun papa langs wandelen en we geraakt worden door de blijheid en de kinderlijke onbezorgdheid die daar vanaf straalt. Dat gevoel zet nog even door als de mevrouw met de rollator weer langs komt en een gesprekje aanknoopt met drie leeftijdsgenoten aan het tafeltje naast ons. De positiviteit die zij uitstraalt lijkt bij de dames niet te landen maar bij ons des te meer.  'Ja, ik spreek iedereen altijd aan', vertrouwt ze ons breedlachend toe. "We zijn helemaal fan van u én van uw hondje', zegt mijn tafelgenoot. De mevrouw sjokt dapper verder terwijl ze schatert: 'Oh, nou heb je dat weer!' 

De voorgeschotelde delicatessen zijn na een paar uur verdwenen van de etagère. Dit betekent dat ze gesmaakt hebben en onderdeel uitmaakten van een heerlijke middag, die gekenmerkt werd door optimisme, puurheid en vertrouwen. Mede mogelijk gemaakt door vertegenwoordigers van alle generaties. Ik hoop voor de mevrouw met de rollator, de aanstaande bruidegom en de blonde kindjes dat zij met datzelfde gevoel deze dag afsluiten. 

woensdag 5 juli 2017

Aan de kaak stellen

'Zo! De hamsterweken zijn begonnen zie ik.' Eén van mijn drie nakomelingen heeft mijn enigszins opgezette linkerkaak opgemerkt en wrijft dat er fijntjes en als zout in een wond in. Aan open- en eerlijkheid mankeert het hem in ieder geval niet en ik kan er ook zeker de humor, die neigt naar een tikkeltje sarcasme, wel van in zien. 

Gisteren ging ik bij de kaakchirurg onder het mes. De achterste kies uit mijn linkerkaak werd getrokken. Deze bron van ellende had mij al zoveel pijn bezorgd dat in overleg werd besloten om er definitief afscheid van te nemen. De ingreep leek mij op het eerste gezicht een fluitje van een cent en daarom zag ik geen reden om er tegenop te zien. Een kwestie van de juiste tang op de juiste plek en met één ruk zou ik van de boosdoener af zijn. Niets bleek minder waar. Uit het gesprek wat ik tijdens de behandeling tussen chirurg en zijn assistente opving was de kroon die op de kies zat eentje van de hardnekkige soort. Het gevolg was dat het ontdoen ervan met veel gewrik, gezaag, geboor en gebeitel gepaard ging en het ding in versplinterde stukjes van de kies werd gescheiden. Het trekken van de oorspronkelijke kies was daarna kinderspel. Afgezien van het harde knakgeluid en het gesjor werd dit een pijnloze daad. De verdoving, ingezet met vier prikken, had zijn werk goed gedaan. 

Na een hechting en het afzuigen van wat losgekomen bloed stond het volgende project op stapel; een wortelpuntbehandeling aan de middelste kies in de bovenkaak. Het openbreken van het gehemelte en het tandvlees boven de kies maakte ik gelukkig slechts denkbeeldig mee. Het geslijp en geboor was eveneens zonder pijn maar alles behalve prettig. De chirurg in kwestie had dat vast in de gaten toen hij mij op mijn gemak wilde stellen door tijdens de operatie luchtige vragen te stellen als: 'Ga je straks nog even gezellig de stad in?' Met de zachte keelklanken die ik daarop uitbracht deed ik een poging om zijn vraag te beantwoorden. Blijkbaar was hij tevreden want hij vroeg niet verder. Na drie kwartier werd ik verlost van het operatiedoek en kon ik de wereld om mij heen weer aanschouwen. Redelijk dizzy kwam ik langzaam uit de stoel omhoog met de opmerking: 'Ik heb mij wel eens beter gevoeld.'

Met de complimenten van mijn behandelaars voor mijn voorbeeldige gedrag, een recept voor pijnstillers, een spoelmiddel en een informatiefoldertje mocht ik gaan.  'Doe het vandaag nog even rustig aan!' kreeg ik nog als advies mee. Alsof ik ook maar iets anders van plan was na zo'n ingreep. 
Hamsteren maar dan niet in de stad, slechts thuis op de bank.



maandag 3 juli 2017

Afscheid

'Zou je nog naar haar toe willen?' 'Nee hoor, het is goed zo.'

Ik heb haar zojuist het berichtje voor gelezen waarin staat dat een familielid over is gebracht naar een hospice. Degene die het berichtje schrijft is de dochter van de zieke mevrouw. Ze bedankt voor de mooie brief die haar moeder van haar heeft ontvangen en vraagt of ik die boodschap over wil brengen.

Ik leg mijn hand op haar schouder. Ze is zichtbaar geroerd door de woorden in het bericht. Ze zucht eens diep, dan zegt ze: 'Ik hoop voor haar dat het nu gauw afgelopen is. We hebben samen een mooie middag gehad en goed met elkaar gesproken. Ik durfde haar de laatste tijd niet meer te bellen omdat ze zo benauwd was. Het valt niet mee om steeds weer mensen om je heen te moeten verliezen. Maar ja, zo is het leven.'

Een mooie middag was het zeker. Ik was erbij en werd geraakt door de warmte tussen beiden. Ook omdat ik wist dat dit de laatste keer zou zijn dat ze elkaar zouden zien. Ik sprak tijdens dit bezoek met de dochter van de zieke mevrouw maar luisterde vooral naar de verhalen die zij vertelde over haar moeder en werd getroffen door de voelbare liefde die daar uit sprak.

Ik sta vanmiddag op tijd en juist op dit moment is het naar om weg te gaan omdat ik haar nu meer dan ooit nog even langer gezelschap had willen houden. Ik knuffel haar iets langer dan anders als ik haar een zoen geef. Ze loopt met me mee naar de auto. Als ik weg rijd steekt ze haar hand op en zwaait me na. Ik kan deze bijzondere vrouw nog lang niet missen. Deze vrouw is mijn moeder.

zondag 2 juli 2017

De parel die vriendschap heet

'Zwemmen in een meer en dan opdrogen in de zon....zo zou ik mijn hele leven wel willen genieten.' Dit was slechts één zinnetje uit de vele brieven die ik van je kreeg nadat je op je dertiende met je familie ging verhuizen van Ten Post naar Oldenzaal. Wat waren we beiden verdrietig dat we niet meer samen naar school konden fietsen, elkaar life aan het lachen konden maken en even naar elkaar toe konden gaan. Er volgde een jarenlange briefwisseling waarbij we elkaar heel regelmatig op de hoogte brachten van elkaars leven. Vooral in het begin van jouw verhuizing zagen we elkaar in de schoolvakanties en hoewel dat op den duur minder werd bleven we vriendinnen en waren we steeds in elkaars gedachten.

Wanda, jij viert vandaag je vijftigste verjaardag en buiten dat dat een enorme prestatie is, voor zover je daar van kunt spreken, vieren we ook dat we ruim veertig jaar vriendinnetjes zijn. En eigenlijk is het gevoel tussen ons nog net zo als toen we vroeger speelden in de weilanden, slootje sprongen en hutten in alle variaties en op vele plekken bouwden. Daar lag de basis van onze vriendschap en deze is in de loop van de jaren altijd intens, open, warm en respectvol gebleven. Er waren ook wel eens tijden dat we elkaar een paar jaar niet zagen of spraken maar dit heeft nooit iets afgedaan aan de hechte band tussen ons. Een half woord genoeg, op hetzelfde moment dezelfde gedachte, dezelfde levensvisie en niet te vergeten onze humor die identiek is. Niets is raar en alles is bespreekbaar zonder oordeel. Alle ingrediënten zijn aanwezig voor een echte vriendschap, waarvan je zeker weet dat die nooit zal ophouden te bestaan.

We werden zelfs een beetje familie, omdat je broertje trouwde met mijn zusje. De oorsprong van die relatie lag in een kunstgalerie in Lochem waar jij je werk tentoonstelde. Want naast dat je een hele lieve en waardevolle vriendin bent ben je ook nog artistiek. Wat was het mooi dat wij een aantal jaren geleden onze talenten op het gebied van beeldende kunst en poëzie samen brachten in een paar mooie werken. Het is nog lang niet voorbij want voor de toekomst zijn de plannen nog volop aanwezig. Samen het Pieterpad lopen, een vakantie naar een warm oord, gezellige citytrips en natuurlijk de eerste zin uit dit stukje staan ook nog op ons lijstje, dat wat mij betreft nog verder aangevuld mag worden.

Lieve, mooie Wanda, ik wens je samen met Bram, Sam en Hannelore een prachtige verjaardag en een mooie start van een nieuw levensjaar. Mijn wens voor jou is, zoals je zelf ook altijd zegt, dat je je beste werk ooit nog eens gaat maken. Daarnaast wens ik je natuurlijk ook veel gezondheid, levenslust en de rest van ons leven onze onvoorwaardelijke vriendschap toe!