woensdag 13 januari 2021

Kokhalzen en schelden 🤮😡

Sylvia Witteman maakt in haar column in de Volkskrant van afgelopen zaterdag gehakt van het boek Haar naam was Sarah van Tatiana De Rosnay. Zo'n boek dat door anderen aangeraden wordt en dat dan zo vreselijk tegenvalt volgens Sylvia.

Het verhaal gaat over het meisje Sarah in Parijs dat met haar ouders in de oorlog bij een razzia wordt opgepakt. Ze verstopt haar broertje Michel in een kast in hun huis en neemt de sleutel mee. Het broertje overleeft het niet want Sarah wordt samen met haar ouders weggevoerd en komt dus niet meer terug in het huis.

Sylvia noemt het boek weerzinwekkend slecht. Ze kan het boek niet uitlezen zonder te schelden en te kokhalzen. Het gaat volgens haar niet over de Holocaust maar over een onnozel expatvrouwtje met huwelijksprobleempjes, een 'journaliste'. Schrijfster De Rosnay gebruikt de Holocaust als interessant behangetje voor haar pulproman. Te veel clichés over bleke gezichten en opgestapelde skeletten in een concentratiekamp, een ordinaire bouquetreeks en zo blaat Sylvia nog even door. Aan het eind van haar column beschrijft ze de paniek als Sarah haar broertje maanden later dood terugvindt. 'Had die deur dan ook niet op slot gedraaid', was het enige wat Silvia nog kon denken. Echt een boek om te verbranden.

Ik heb het boek destijds gelezen en zag later ook de verfilming ervan. Ik ben ook zo iemand die dit boek anderen aanraad. Ik las het in een ruk uit en moest (en dat gebeurt bij hoge uitzondering) huilen bij de film. Ik heb het boek zelfs twee keer gelezen. Ik vond sommige gedeeltes, inderdaad net als Sylvia, weerzinwekkend maar niet op de manier zoals zij het bedoelt. En ik had al helemaal niet de neiging om het boek te verbranden. 

Beste Sylvia adem in, adem uit. Haal je schouders op bij het lezen en sla het boek dicht als je er niks aan vindt. Geef het boek door in plaats van het te verbranden. Zeg desnoods dat je het een slecht boek vindt en dat een ander dat zelf maar moet beoordelen. Loop een rondje en kom weer tot jezelf. 

Kokhalzen en schelden is zo jammer voor je keel en je hart.

                            

donderdag 24 september 2020

Echt, hou je bek

Echt, hou je bek. Een grandioze kop boven een artikel van journalist Chris Klomp, gisteren  op zijn Facebookpagina.

 Waar ging het allemaal om? Over de Hashtag ’ikdoenietmeermee’, die dinsdag werd gelanceerd. Een aantal bekende Nederlanders suggereert hiermee niet meer mee te willen doen aan de regels om het coronavirus terug te dringen. Het vleesgeworden product van #ikdoenietmeermee zat afgelopen woensdag in de persoon van influencer Famke Louise bij Jinek om haar verhaal te doen. Dat verhaal kwam op zijn zachts gezegd niet helemaal uit de verf en haar optreden gaf aanleiding om er, onder andere door Chris Klomp, op te reageren.

 Met ‘Hou je bek’ als kop ben je verzekerd van een groot lezersaantal. Ik begrijp de woordkeuze van Chris, ik snap zijn punt en hij mag uiteraard schrijven wat hij wil om een groot publiek te trekken.

 Dat een gerenommeerd journalist voor een dergelijk stuk alleen al op Facebook ruim 2500 reacties ophaalt en dit ook nog eens 2400 keer gedeeld ziet is te verwachten. Maar in een aantal gevallen ook zorgelijk. Want ook al heeft Chris het gelijk aan zijn kant, door termen te gebruiken als ‘verwende artiesten’, ‘klein kind’, ‘ga je schamen’, goedkoop en gemakzuchtig’, geeft hij blijkbaar het startschot voor een scheldkanonnade op social media. Ik citeer: ’Famke Louise, wiens enige talent haar lelijke wenkbrauwen is’, ‘ als mensen zonder ontwikkelde hersenen gaan denken krijg je gekkies’, ‘empathieloze derderangs artiesten’, ‘egoïstische profiteurs’ en - die krijgt Chris zelf over zich heen -‘hoernalist’.

 Met harde (scheld) woorden, verwijten en vernietigende stempels, mensen naar onze hand proberen te zetten is meestal niet de manier om dat gedaan te krijgen, laat staan een oplossing te vinden. ‘Echt hou je bek’, is helaas voor velen een aanleiding om in dezelfde trant de bal terug te kaatsen. De vergelijking van niet afgeronde MBO-opleiding tot schoonheidsspecialiste van Famke Louise met de respectabele staat van dienst van medicus Diederik Gommers is voer om het ‘Wij – zij systeem’ in stand te houden.

 Gommers deed bij  Jinek het tegenovergestelde. De man weet wat empathie is en hoe hij daar invulling aan moet geven. Niet ondenkbaar dat Famke mede door zijn benadering een draai van 180 graden heeft gemaakt.











 

vrijdag 4 september 2020

'Wie bedenkt dit en waarom?'

Woensdag 2 september. Mijn moeder en ik stappen in de auto voor een bezoek aan Herinneringscentrum en kamp Westerbork.

Eerder deze zomer had mijn moeder al eens een balletje opgegooid. Ze wilde er weer eens kijken. Dat had ze ook gedaan. In haar eentje was ze er naartoe gereden. Het was er druk en het weer was druilerig. Ze was rechtsomkeert gegaan.

Afgelopen woensdag was het zover. Een blauwe lucht en een stralende zon. De paar stapelwolken onderweg trekken mijn moeders. aandacht. 'Mooi hè, die wolkjes?'

Bij het Herinneringscentrum parkeren we de auto. 'Ik kan het stuk naar het kampterrein misschien best lopen', zegt ze optimistisch. Omdat ik dat sowieso geen goed idee vind had ik eerder deze week al informatie ingewonnen over ontheffing. 'Nou, zeg maar niet dat het misschien wel lukt om te lopen, dan wordt het vast lastig met die ontheffing', reageer ik. 'Ze zien het ook wel aan mijn stok', mompelt ze.

De ontheffing komt er zonder problemen. Voordat we naar het kampterrein rijden maken we een rondje door het Herinneringscentrum. De sporen van de oorlog met beelden, geluid en tastbaarheden zoals koffers en scheerattributen van de mensen die daar hebben geleefd zijn en blijven indrukwekkend. 'Wij wisten niets van de dingen die in de kampen gebeurden', zegt mijn moeder. Pas later werd dat bekend.' Geen wonder ook als de mensen onder schot werden gehouden om verplicht te lachen op propagandafilms van de nazi's. 'Wie bedenkt er zoiets? En waarom?' Het zijn de vragen van mijn moeder waar ze waarschijnlijk nooit een antwoord op zal krijgen.

Na een kopje cappuccino en een saucijzenbroodje in de zon rijden we de mooie route door het bos naar het kampterrein. We parkeren de auto voor de slagboom. Het voormalige huis van commandant Albert Gemmeker is met glas omgeven. In mijn herinnering was dat niet zo, de laatste keer dat ik hier was, zo'n 13 jaar geleden.

Een treinwagon, herinneringssteentjes, een stukje barak en het treinspoor waar abrupt een eind aan komt. Het blijft bijzonder om hier te zijn. 'Ik ben blij dat ik dit weer eens kan zien' , zegt mijn moeder als we op een bankje in de schaduw zitten. 'Misschien is het wel de laatste keer', antwoord ik.

We lopen terug naar de auto. Als we weg willen rijden komt er een meneer naar ons toe. 'Gaan jullie terug naar de parkeerplaats? Mag mijn moeder met jullie mee terug?' vraagt hij. Ik maak plaats op de achterbank voor zijn moeder, voor hem en een mevrouw die er ook bij hoort. De hele weg terug zijn ze dankbaar dat ze mee mogen rijden.

Dankbaar ben ik ook. Voor de mooie middag met mijn moeder. Voor de kennis die zij meedraagt en daarover blijft vertellen. Voor de zon en voor de stapelwolken. 



donderdag 20 augustus 2020

Oh wat ben ik toch dynamisch

Een creatieve duizendpoot, een teamplayer of een spin in het web? Dat jij alles op alles zet voor de ultieme klantbeleving vinden wij bewonderenswaardig. 

De clichés knallen nog steeds lekker in vacatureteksten waarmee bedrijven die ene werknemer zoeken die in hun profiel past. Ook bij de functies die ik zoek, gericht op taal, communicatie en sociale media, wordt de plank nog wel eens mis geslagen.

Misschien is dit uitdagend (vreselijk woord) voor veel werkzoekenden maar ik verander nog net niet in een treurwilg als ik deze teksten lees. Het zijn namelijk allemaal termen die niets zeggen. Bovendien, wie wil er een duizendpoot of een spin in het web zijn? Of kan dit überhaupt zonder met een burn-out de afgrond in te glijden of zonder rond te lopen met een hoop zelfoverschatting? Tenzij jouw bedrijf de behoefte heeft om een jaknikker, een kruiper of een perfectionist, die neigt naar overspannenheid, in huis te halen natuurlijk. In dat geval kan de manier van werven gewoon zo blijven.

Niets  is jou te gek, je draait je hand er niet voor om…whatever.  Brandjes blussen is jou niet vreemd. Creatief, oplossingsgericht, efficiënt, accuraat. Een ‘verbinder’ is ook zo’n fijne.  Op zijn minst moet je uitleggen wat dit betekent in de baan die je als werkgever aanbiedt. Met voorbeelden en een korte beschrijving –‘je begint met een kop koffie’ - hoe een dag eruit ziet.

Ze zijn er zeker wel. Leuke vacatureteksten met gewone en toch originele woorden die je automatisch meevoeren in een tekst.  Bijvoorbeeld: Gezocht: vrolijke taalpurist. Hij of zij mag niet van slaapverwekkende nieuwsbrieven houden. De sollicitant mag verrassen met een motivatiebrief maar ook een kijkdoos behoort tot de mogelijkheden om zich te presenteren. En om de sfeer in het bedrijf te schetsen: ‘Een hond heeft een baas, ons personeel niet en met kerst doen we iets leuks met de fooienpot’. Enthousiaster wordt het toch niet?

‘We zoeken een collega die vlot, vrolijk en vriendelijk is’. Ook dat is er een voor op de goede stapel vacatureteksten. Maar als je als bedrijf jouw toekomstige collega wilt trekken met: ‘Als jij een goed gevoel hebt gekregen bij deze vacature’ dan kan dit wel maar eigenlijk zou je dat goede gevoel kracht bij moeten zetten met een emotie. Een ’goed gevoel’ zegt op zich  helemaal niets. ‘Word je blij na het lezen van deze tekst? Raak je geprikkeld of gestimuleerd? Grijp je mobiel of geef een slinger aan je computer of laptop om een sprankelende brief te schrijven’ Dat werk. Daarvan ga ik nog net niet stuiteren maar ik onderneem wel actie. De woorden komen dan als vanzelf uit mijn vingers op het toetsenbord.  De affiniteit spat er vanaf.


 

 

 

vrijdag 10 juli 2020

Maar 1 taak

Ik ben in de wereld van het UWV beland. Per 4 weken moet ik minimaal 4 sollicitatieactiviteiten opgeven. Ik heb een eigen UWV werkmap. Daar moet ik al mijn werkgerelateerde taken in vermelden. Wat ik doe, met wie, aan wie en wanneer.

Het kennismakingsgesprek wat ik met een potentiële werkgever had mocht ik niet opvoeren als taak omdat dit gesprek plaatsvond op het moment dat ik nog officieel in dienst was van mijn laatste werkgever. Dat gold ook voor het plaatsen van mijn CV op een vacaturesite. Dat had ik ongeveer direct gedaan nadat ik hoorde dat mijn contract niet zou worden verlengd. Maar ja, ik was op die datum nog niet werkloos, dus geen taak.

Om de structuur er goed in te houden moest ik een weekplanning maken. Elke dag iets gaan doen. Bijvoorbeeld Dag 1: Je CV bijwerken. Dag 2 : Inschrijving bij een uitzendbureau. Dag 3: Een Webinar volgen: hoe schrijf je een goede sollicitatiebrief? Dag 4 en dag 5 weet ik niet meer.

Dat soort protocollen weiger ik. Ik deed het zo:  Ik houd mijn oren en ogen open, kijk wat mij geschikt lijkt, bel en eventueel schrijf ik. Deze tekst heb ik gekopieerd en bij dag 2, 3, 4 en 5 geplakt.
Ik heb een coach die ik nog nooit heb gezien. Die antwoordde dat ik goed bezig ben en dat ik vooral zo door moet gaan.

Netwerkgesprekken mogen ook als taak worden aangedragen. Die heb ik best vaak. Met vrienden, oud-collega's, een kennis die ik tegenkom in de winkel (op anderhalve meter afstand) of met een familielid. Wat ik leuk vind en wat niet meer, wat me blij of juist ongelukkig maakt. Wat energie kost, wat energie oplevert.  Dat soort dingen. Ik heb dus genoeg taken die ik kan bijschrijven. Ik moet wel de datum en de naam met wie ik sprak vermelden en waarschijnlijk moet ik nog meer contactgegevens doorgeven.

Dus lieve mensen uit mijn netwerk, jullie hebben maar 1 taak.  Mochten jullie benaderd worden door het UWV met de vraag of ik met jullie gesproken heb over mijn werkambities, verschaf mij een alibi en meld wat je mij hebt geadviseerd of mee hebt gegeven om over na te denken. Ook wat we elkaar geappt hebben mag hoor. Of wat je nog niet tegen me hebt gezegd maar ooit zou willen zeggen. Ergens op een terras,  in de tuin, op de bank, of op LinkedIn, ik vind het goed. Zolang het maar over werk en vacatures gaat.

Tenzij ik desperaat word en niet meer creatief met mijn op te geven taken en data weet om te gaan ga ik dat natuurlijk niet echt doen. Maar wees gewaarschuwd. Als het UWV jullie opzoekt weten jullie dat ik in paniek ben en mij genoodzaakt voel jullie privacy te schenden.

Ach, zolang mijn coach zegt dat ik goed bezig ben is er niks aan de hand.










vrijdag 29 mei 2020

Los gaan op boa’s

Afgelopen woensdag demonstreerden de boa's in Amsterdam voor wapenstokken en pepperspray. De handhavers vinden dat zij onvoldoende zijn uitgerust om hun werk op een veilige manier te kunnen doen.

Sinds de coronacrisis hebben de boa’s er extra taken bij gekregen en worden ze erop afgestuurd om samenscholingen in parken en stranden in de kiem te smoren. Sommige mensen pruimen het niet dat een geel hesje hun vertelt wat wel en niet is toegestaan en vinden het nodig om agressief te reageren. We hebben allemaal de beelden kunnen zien van de muiterij op het strand bij IJmuiden, waarbij een handhaver met verwondingen naar het ziekenhuis moest.

Voer voor vooraanstaande columnisten als Özcan Akyol van het AD en Marcel van Roosmalen van het NRC en Radio 1. Beide heren keuren het inslaan op boa's af om vervolgens los te gaan op het beroep van deze handhavers. Akyol omschrijft hen als veredelde amateurs, minimaal geschoold,  communicatief ondermaats en niet getraind om adequaat op te treden. Van Roosmalen gaat nog een stapje verder door suggestieve vragen te stellen als 'waarom heb je dit willen worden, wat voor menstype ben je dan, ben je afgewezen bij de politieschool, moet je je laten gelden of heb je profileringsdrang?

Dergelijke neerbuigendheid draagt op geen enkele manier bij om het respect voor het beroep van boa's op een hoger niveau te krijgen. Iedereen verdient dit maar deze groep blijkbaar niet. Die mag je publiekelijk afbranden, naar beneden halen en in een hoek zetten. Overigens hadden beide heren zich ook beter in moeten lezen over het beroep, achtergrond en opleiding van de boa's voordat ze hun vernietigende oordelen de ether inslingerden.

Maar de boa's zijn in goed gezelschap.  Uit betrouwbare bron weet ik dat de meeste van hen niet onder de indruk zullen zíjn van de stigmatiserende benadering van zowel Akyol als van van Roosmalen. Zij krijgen namelijk regelmatig verbale drek over zich heen waarbij ze uitgescholden worden voor racist of neppolitie. Dat is niet fijn maar ze zijn getraind om hier nuchter en adequaat op te reageren. Iets waar de heren columnisten een voorbeeld aan kunnen nemen.

Het gebruik van wapenstokken en pepperspray laat ik in het midden. Dat is een discussie die ik graag aan de beroepsgroep overlaat. Maar juist gerenommeerde columnisten zouden het podium wat zij hebben positief in kunnen zetten in plaats van het negatieve imago, wat er toch al over de boa's heerst, alleen maar te voeden. 




vrijdag 1 mei 2020

Kappen met kwetsbaar

Je kunt geen krant openslaan of tv programma vinden zonder het woord kwetsbaar te lezen of te horen. Kwetsbare ouderen, kwetsbare kinderen, kwetsbare groepen, kwetsbare gezondheid.
In deze tijd zijn we met z'n allen kwetsbaar geworden en loopt iedereen een deuk of deukje op. Materieel of immaterieel. 

Maar ik heb iets tegen het woord 'kwetsbaar'. Omdat het mij te veel doet denken aan zielig in een hoekje wegkwijnen, hulpbehoevend zijn, afwachtend, apathisch. Maar vooral omdat het vaak anderen, de sterken, de instanties zijn die zogenaamde kanslozen bestempelen met de term kwetsbaar.

Natuurlijk zijn er mensen die om reden van gezondheid of andere mankementen minder goed mee kunnen komen. Niet aan de standaard voldoen van goed meedraaien in de maatschappij. Geen vangnet hebben of tussen wal en schip vallen. Misschien zijn er wel meer dan wij denken. Dat daar oog voor is is prima. Maar het woord kwetsbaar gaat nu zo'n eigen leven leiden. Eenzaam en zwak in een hopeloos leven. 

En even eerlijk. Wie noemt zichzelf kwetsbaar of wil zo worden aangesproken? Vaak zijn de zogenaamde kwetsbaren ijzersterk in wat ze wel kunnen omdat ze hun zwakten juist ontwikkelen, creatief in oplossingen zijn en prachtige verhalen en levenswijsheid met zich meedragen.

Kwetsbaarheid tonen is een heel andere tak van sport. Laten zien wat je niet zo goed kunt, je mindere kanten onder ogen zien en delen met een ander. Toegeven dat je een botte boer of een irritant wijf kunt zijn. Een flapuit of zwart wit. Dat maakt een persoon juist sterk.

Laten we met z'n allen wat meer kwetsbaarheid tonen en het  denigrerende woord 'kwetsbaar' niet meer gebruiken om individuen of groepen mee weg te zetten.